Vroegtijdige zorgplanning
Ontstaan
Het denken rond vroegtijdige zorgplanning heeft alles te maken met de 'patiëntenrechtenwet', 'de wet betreffende de palliatieve zorg' en 'de wet betreffende euthanasie' (alle 3 van kracht sedert 2002). Deze wetten zorgen ervoor dat de patiënt veel meer inspraak kan hebben in beslissingen rond de medische zorg en specifiek de zorg rond het levenseinde.
Iedere patiënt heeft recht op correcte informatie over zijn diagnose en prognose. Op basis hiervan kan de patiënt, in overleg met de arts, zijn naasten en zorgverleners, beslissen voor welke behandeling hij al dan niet kiest.
Iedere palliatieve patiënt heeft recht op kwalitatieve, palliatieve zorg, waar hij ook verblijft.
Indien hij levensbeëindiging wil en aan bepaalde voorwaarden voldoet kan hij de vraag naar euthanasie stellen.
Kwaliteit van leven
De medische vooruitgang zorgt voor levensverlenging. Mensen worden ouder dan vroeger. Levensverlenging draagt echter niet altijd bij tot de levenskwaliteit.
Vroegtijdige zorgplanning beoogt kwaliteit van leven door met de patiënt tijdig te communiceren over zijn wensen en zijn kijk op de zorg rond het levenseinde. Zo is men op crisismomenten of momenten dat de patiënt niet meer wilsbekwaam is, op de hoogte van wat hij wil en niet wil.
Men kan deze wensen vastleggen in het formulier 'wilsverklaringen inzake mijn gezondheidszorg en levenseinde'. Een exemplaar van dit formulier wordt in het dossier bewaard maar eveneens bij een vertrouwenspersoon of/en een plaats waar men het bij de hand heeft als het nodig is.
Vroegtijdige zorgplanning is echter méér dan het invullen van een document. Het is vooral een permanent communicatieproces tussen arts, professionelen, patiënt en zijn dichte omgeving over wensen, noden en voorkeuren zodat tot het einde toe steeds de best mogelijke zorg kan geboden worden.
Waarom vroegtijdige zorgplanning ?
Al te vaak gebeurt het dat mensen en hun omgeving helemaal niet of te laat nadenken over hun levenseinde. Daardoor worden jammer genoeg niet altijd de juiste of meest wenselijke beslissingen genomen op kritieke momenten.
Vroegtijdige zorgplanning helpt mensen zich voor te bereiden en na te denken over hun levenseinde. Zo kan de patiënt zijn wensen formuleren en zo een stuk controle houden over de situatie tot het einde toe. Op die manier wordt, zoals Manu Keirse het zo treffend verwoordt in de titel van zijn brochure, 'het leven teruggegeven aan de mensen'.
De meeste palliatieve patiënten kunnen vrij goed hun levensduur inschatten. Hun wensen rond het levenseinde bespreekbaar maken beperkt onnodig lijden. Bovendien blijkt na zo'n gesprek de tevredenheid van de patient te stijgen waardoor nog zo veel mogelijk 'leven' aan de dagen toegevoegd wordt. Meer nog, het is zelfs tijdbesparend en stressreducerend, aangezien men op kritieke momenten moeilijke en emotionele discussies vermijdt want men weet immers wat de patiënt wil.
Mogelijke barrières
De prognose wordt vaak nog niet openlijk met de patiënt besproken. Artsen mijden dit soms uit schrik perspectief te ontnemen of geven boodschappen die voor verkeerde interpretatie vatbaar zijn. Gebrek aan zicht op prognose maakt dat de patiënt bij beslissingen niet echt betrokken kan worden.
Professionelen dienen hierbij oog te hebben voor het 'tempo' van de patiënt. Niet elke patiënt is eraan toe om dit te bespreken alhoewel de ervaring leert dat de meeste patiënten verwachten dat de zorgverstrekkers hiertoe de eerste stap zetten en ze zelfs opgelucht zijn als dit gebeurt. In de brochure van Manu Keirse staan tal van aanbevelingen en is een volledig stappenplan beschreven.
Vanuit zorgverstrekkers is er naast de hierboven genoemde weerstand, soms het argument te horen dat er hiervoor te weinig tijd is, ze de patiënt onvoldoende kennen of dat dit niet tot het takenpakket hoort. En dat is jammer vermits de praktijk uitwijst dat vroegtijdige zorgplanning de zorgkwaliteit verhoogt en rust brengt bij alle betrokken partijen.
Voorwaarden voor vroegtijdige zorgplanning
Vooreerst dienen hierboven vernoemde, mogelijke barrières bij patiënt, familie en hulpverlener herkend en doorbroken te worden.
Praten over het levenseinde vergt van de betrokken hulpverleners de nodige communicatieve vaardigheden. Ondersteuning hierbij o.a. door training en vorming is geen overbodige luxe.
Een gesprek over het levenseinde dient plaats te vinden vóór kritieke momenten of spoedopname zich opdringen.
Het vraagt alertheid van hulpverleners om signalen en indicaties van de patiënt te herkennen en serieus te nemen.
De patiënt moet niet alleen op de hoogte zijn van zijn diagnose maar ook van zijn prognose zodat zijn verwachtingen naar zorg hieraan kunnen gekoppeld worden en eventueel kunnen vastgelegd worden in een wilsbeschikking. Vroegtijdige zorgplanning kan hiermee echter niet verward worden gezien het een continu proces is van interactie tussen zorgverleners, patiënt en familie om de zorg zo goed mogelijk af te stemmen op de wensen en de noden.